vw-golf-1.2-tsi-01

Golfje

– “Pittig dingetje, hè? Pri-ma wagentje dit. Echt een heerlijke bak.”
Ik sta nog geen tien seconden stil bij een auto die er op het eerste gezicht goed uit ziet.
– “Ja, het ziet er allemaal mooi uit”, antwoord ik, “en rijdt dit nou een beetje zuinig?” – “Zuinig? Hiermee rijd je op een volle tank naar Spanje en terug. Zijn van die eco- motoren, hè. Helemaal up-to-date. Hier betaal je geen slurptaks voor. En ik hoor je denken: dat wil niet vooruit met die 1200 cc? Nou, ik kan je vertellen dat dit gewoon een vier-pitter is, met ruim 100 paardenkrachten. He-le-maal gefinetuned.”
– “Ah, dat had ik niet gedacht inderdaad.”

Lees verder →

Koos Alberts

Gewoon Koos

Een zanger in een rolstoel met slechts één functionerende stemband. Niet echt de juiste ingrediënten voor een popheld. Toch is Koos Alberts, of Jacobus Johannes Krommenhoek zoals hij eigenlijk heet, heel lang mijn held geweest. Als kind had ik een door mijn vader gefabriceerd cassettebandje met op kant A Harrie Jekkers en kant B Koos Alberts. Nu ik ouder ben, begrijp ik wel waarom ik Jekkers leuk vond. Mijn liefde voor Koos heb ik echter nooit begrepen. Misschien vond ik de tragiek van zijn leven wel mooi.

Lees verder →

SetWidth750-ouders-en-kind-recized

Johan

Vastberaden komen de ouders de klas binnen. Moeder voorop. Vader op de drempel en vanaf het bureau in de hoek zie ik Johan daarachter in de gang staan. Zijn ski-jas is te groot en zijn spijkerbroek komt tot zijn enkels. De hengsels van zijn rugtas hangen over zijn onderarmen. Met z’n drieën vormen ze een rij die vermoedelijk de hiërarchie des huizes laat zien.
Moeder heeft kort herfstrood haar, een zwarte legging en een halflange turquoise jas van glimmende stof. In haar linker neusvleugel steekt een diamantje. Pa is kaal en draagt een zwarte joggingbroek met daarboven een lichte spijkerjas.

Lees verder →

tram_7

Ajax

De deur van mijn cel klikt open.
‘Moeve, Johan!’, zegt de agent, waarvan ik na al die jaren de naam nog steeds niet weet.
‘We houden je kamertje vrij voor je’. Vanuit het getraliede kantoortje klinkt gelach.
‘Zorgen jullie nou maar eerst eens dat je een echte baan krijgt’, snauw ik terug.

Ik neem mijn spullen in ontvangst en verlaat via de deursluis het bureau aan de Lijnbaansgracht. Via het bruggetje over de Leidsegracht loop ik richting Jordaan. Behalve het korte gezelschap van tram 7 staat alleen de miezerige regen me bij. Ik haat zondagochtend. Saaie pleuriszooi. Gelukkig speelt Ajax vanmiddag.

Lees verder →

gorilla3

Gorilla

‘Hee, ouwe pik, alles lekker?’ Een zwaar Amsterdams accent vult de ruimte. Als hij je ziet zitten in het café, kan je zo’n groet van hem verwachten.
Veel voorkomende varianten zijn: ‘Ouwe gek, ouwe rukker, ouwe lul en ouwe klootzak’. Soms laat hij het alleen bij ‘ouwe’.
Je weet nooit tegen wie hij het heeft, zijn stemvolume zou kunnen betekenen dat hij het aan alle aanwezigen vraagt. Het gevolg is dat iedereen omkijkt en zodra ik doorheb dat hij het tegen mij heeft komt hij meteen op me afgelopen.

Lees verder →

Amsterdam-Metro-M2

Krantenjungle

07 uur 31 zegt het lichtgevende, digitale bord. Het doet me denken aan mijn wekkerradio. De cijfers geven het enige doel aan op het koude perron. Wachten. Volgens mijn horloge had de metro er nu al moeten zijn maar ik vergeet dat ik door zelfkennis m’n klokje altijd een paar minuten vooruit heb staan. Met nog vier lange minuten in het vooruitzicht hebbende, ijsbeer ik met mijn eerste peuk van de dag, die door de koude lucht erg goed smaakt, een paar meter heen en weer. Roze strooizout knarst op sommige plekken onder m’n gympen. Het grootste gedeelte is inmiddels een platgetrapte brij geworden. Dat betekent dat er al meer wachtende voor mij waren. Ik voel me gelijk iets minder zielig.

Lees verder →